Paragraaf 3 - Financiering

Inleiding op de paragraaf 3

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - Inleiding op de paragraaf 3

Algemeen 
Om geld aan te trekken en middelen uit te zetten moeten we ons als gemeente houden aan de regels van het rijk. Deze regels gaan over de manier waarop gemeenten (en provincies) hun geld en kapitaal beheren. Deze staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Deze wet heeft als doel een gezonde financieringspositie van gemeenten. De grens voor het EMU-tekort ligt voor decentrale overheden op 0,4 procent.

De kaders voor de uitoefening van de financieringsfunctie zijn opgenomen in het Treasurystatuut. Hierin staan de doelstellingen en uitgangspunten die het college van B&W nastreeft.
Met de uitvoering van het Treasurybeleid streven we naar effectief en effeciënt beheer van de liquiditeitenstroom door:

  1. Het zorgdragen voor een tijdige beschikbaarheid van middelen door het verkrijgen en handhaven van toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;
  2. Het beschermen van gemeentelijke vermogens- en renteresultaten tegen ongewenste financiële risico's zoals renterisico's en liquiditeitsrisico's;
  3. Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;
  4. Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut;
  5. Waarborgen dat de taken en verantwoordelijkheden op dit onderdeel duidelijk zijn geregeld.

Naast het statuut stelt de Gemeentewet een treasuryparagraaf verplicht in de begroting en jaarrekening. Dit is nader uitgewerkt in artikel 16 van de financiële verordening van de gemeente Staphorst. In de paragraaf Financiering bij de begroting en de jaarstukken neemt het college de verplichte onderdelen op grond van artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten op welke hieronder zijn uitgewerkt.

A | Uitvoering financieringsfunctie

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - A | Uitvoering financieringsfunctie

A ) Kasgeldlimiet
In de Wet Fido is opgenomen dat een korte schuld maximaal één jaar betreft. Het doel van de kasgeldlimiet is het beperken van het renterisico. De kasgeldlimiet is wettelijk vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. De gemiddeld in een kwartaal opgenomen vlottende schuld (rekening-courantkredieten, kasgeldleningen) mag dit bedrag niet overschrijden. Wanneer dit wel gebeurt, dan moet de kortlopende schuld of een deel daarvan omgezet worden in langlopende schulden. De gemeente Staphorst overschrijdt de kasgeldlimiet niet, er is namelijk een overschot. Hieronder is de kasgeldlimiet als volgt berekend:

(Bedragen x € 1.000) 2027 2026
Omvang van de begroting per 1 januari 2026 € 68.243 € 64.015
Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag 8,5% 8,5%
Kasgeldlimiet in bedrag € 5.801 € 5.441
Totaal vlottende schuld 0 0
Ruimte € 5.801 € 5.441

B | Renterisiconorm

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - B | Renterisiconorm

De renterisiconorm is een middel om te voorkomen dat gemeenten te grote risico's nemen bij het afsluiten van leningen. De jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen mogen niet hoger zijn dan 20% van het verwachte begrotingstotaal, naar de situatie van 1 januari. De reguliere aflossing is voor 2027 geraamd op € 0. De gemeente Staphorst blijft hiermee ruim binnen de renterisiconorm. Voor de komende jaren ziet dit er als volgt uit: 

Berekende renterisiconorm (Bedragen x € 1.000) 2027 2026
Begrotingstotaal 68.243 64.015
Percentageregeling 20% 20%
Totaal 13.649 12.803
Renterisico op vaste schuld (Bedragen x € 1.000) 2027 2028
Renteherziening op vaste schuld o/g 0 0
Aflossingen 0 0
Renterisico 0 0
Renterisiconorm 13.649 12.803
Rente onder risiconorm 13.649 12.803
Rente onder risiconorm n.v.t. n.v.t.

C | EMU-saldo

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - C | EMU-saldo

In het volgende overzicht de ontwikkeling van het EMU-saldo: 

(Bedragen x € 1.000) Rek. 2025 2027 2028 2029 2030
1 Exploitatiesaldo voor toevoeging aan c.q. onttrekking reserves 1.246 -3.324 -878 -370 -796
2 Afschrijvingen t.l.v. de exploitatie 1.776 2.980 3.454 3.921 4.074
3 Bruto dotaties aan de post voorziening t.l.v. exploitatie 783 326 326 326 326
-4 Uitgaven aan investeringen in (im)materiële activa die op de balans worden geactiveerd 7.982 9.934 19.448 7.282 7.236
5 De in mindering op onder 4 bedoelde investeringen gebrachte ontvangen bijdragen van Rijk, Provincie of Europese Unie en overigen 1213 0 0 0 0
+ 6A Verkoopopbrengsten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs) - - - - -
- 6B Boekwinst op desinvesteringen in (im)materiële vaste activa - - - - -
-7 Uitgaven aan de aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. 2.135 582 271 498 0
+ 8A Verkoopopbrengsten van grond (tegen verkoopprijs) 2.414 3.294 3.239 0 0
- 8B Boekwinst op grondverkopen 0 75 0 0 0
-9 Betalingen t.l.v. voorzieningen 0 408 466 443 336
-10 Betalingen die niet via de exploitatie lopen, maar rechtstreeks - - - - -
t.l.v. reserves worden gebracht en die niet vallen onder één van de andere genoemde posten
11A Gaat u deelnemingen verkopen? Nee Nee Nee Nee Nee
-11B Zo ja, boekwinst bij verkoop van deelnemingen en aandelen - - - - -
Berekend EMU saldo -2.685 -7.724 -14.044 -4.346 -3.967
Individuele referentiewaarde -1.799 -1.799 -1.799 -1.799 -1.799
Tekort (-) of overschot (+) EMU-saldo -366 -5.925 -12.245 -2.547 -2.168

E | Rentekosten en opbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - E | Rentekosten en opbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie

Hieronder vindt u een opsomming van alle uitgezette en opgenomen gelden, zoals deze meegenomen zijn in de begroting van 2027.

Soort (Bedragen x € 1.000) Begroting 2027 Begroting 2026 Rekening 2025
Uitgezette gelden op lange termijn 1.423 872 1.396
Uitgezette gelden op korte termijn 24.524 8.938 21.048
Aandelenbezit 184 184 184
Opgenomen gelden lange termijn 0 0 0
Opgenomen gelden korte termijn 0 0 0
Totaal 26.131 9.994 22.628

F | Renteschema

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - F | Renteschema

Er wordt geen rente toegerekend, omdat de omslagrente voor het jaar 2027 negatief is. Zie hiervoor onderstaand renteschema.

Nr. Omschrijving Begroting 2027
A Externe rentelasten over de korte en lange financiering 0
B Externe rentebaten over de korte en lange financiering -286
Saldo rentelasten en rentebaten (A-B) -286
C.1 Doorberekende rente grondexploitatie 0
C.2 Doorberekende rente projectfinanciering 0
C.3 Rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar specifiek een lening voor is aangetrokken 0
Aan taakvelden toe te rekenen rente (som -C1-C2-C3) -286
D.1 Rente over eigen vermogen 0
D.2 Rente over voorzieningen 0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente (som+D1+D2) -286
E Aan de taakvelden toe te rekenen externe rente (renteomslag afgerond 0,5%) 0
F Renteresultaat taakveld treasury (som-E) 0

G | Rentevisie

Terug naar navigatie - Paragraaf 3 - Financiering - G | Rentevisie

We werken met de door de BBV (Besluit begroting en verantwoording) aanbevolen rentemethodiek. Deze methodiek benadert de gemiddeld werkelijke rente die we over onze activa berekenen. Gezien het feit dat de gemeente Staphorst geen langlopende leningen heeft, is er geen omslagrente.