Meer
Publicatiedatum: 12-09-2018

Inhoud

Programma onderdelen

Paragrafen

Paragrafen





Paragraaf 1 | Weerstandsvermogen en risicomanagement
Paragraaf 2 | Onderhoud kapitaalgoederen
Paragraaf 3 | Financiering
Paragraaf 4 | Bedrijfsvoering
Paragraaf 5 | Verbonden partijen
Paragraaf 6 | Grondbeleid
Paragraaf 7 | Lokale heffingen
Paragraaf 8 | Sociaal domein

Paragraaf 1 | Weerstandsvermogen en risicomanagement

Paragraaf 1 | Weerstandsvermogen en risicomanagement

Bij het opstellen van de rekening 2016 is uitgegaan van een weerstandscapaciteit ad € 11.9 milj met een bedrag aan risico’s van € 1,7 milj. waardoor het weerstandsvermogen uitkomt op 7,3. Hier hoort de kwalificatie Uitstekend bij.

Voor het bepalen van het bedrag aan risico's is uitgegaan van een bepaald risicoprofiel (niet alle risico's zullen gelijktijdig zich voordoen).  Het risicoprofiel is mede tot stand gekomen met behulp van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) Zij voeren een  simulatie uit waarbij per risico wordt gekeken of het risico zich voordoet (op basis van de kans) en zo ja, wat de gevolgen zijn (op basis van de aangegeven gevolgen). De bevindingen (per risico) worden voor iedere simulatie opgeteld en vormen in totaliteit het benodigde bedrag per jaar aan risico's. Aangezien de gemeente Staphorst niet over dit programma kan beschikken ( kostenoverweging) is besloten om 1x per 4 jaar dit instrument in te zetten en wel bij opstellen van de gewijzigde nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Dit zal in de loop van 2017 plaatsvinden.

Negatieve grondexploitaties worden opgevangen door de voeding vanuit een te vormen voorziening grondexploitatie (= onttrekking uit de reserve grondexploitatie). Een negatieve grondexploitatie kan ontstaan door onvoorziene risico’s. Mogelijke risico’s in dit kader zijn dan ook benoemd als risicogebied in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Een logisch gevolg is dan ook om deze reserve mee te nemen als onderdeel van het weerstandsvermogen ( huidig bedrag € 9,7 milj).

Aan de andere kant is de verwachting dat er sprake zal zijn van een daling van de reserve zonder bestemming doordat er nog kredieten zijn uit het verleden die nog tot uitvoering dienen te komen en toekomstige investeringen  ten laste van deze reserve zullen worden geboekt. (huidig saldo € 8 milj).

Bovenstaande ontwikkelingen zullen leiden tot een weerstandsvermogen  voor het jaar 2018 die voldoende robuust zal zijn en blijven om eventuele risico’s op te vangen.

Mede door het rapport van de adviescommissie Depla zijn er een aantal wijzigingen doorgevoerd in het BBV. Een van de zaken is het verplicht opnemen van een 5 tal financiële kencijfers in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en jaarrekening. Verantwoording hiervan vindt plaats vanaf het rekeningjaar 2015. In de nieuw op te stellen nota zullen wij een aantal beleidsuitgangspunten formuleren voor deze kencijfers. Zonder deze uitgangspunten zijn de kengetallen namelijk moeilijk te duiden, ook zullen de kengetallen in samenhang moeten worden bezien.

Paragraaf 2 I Onderhoud kapitaalgoederen

Paragraaf 2 I Onderhoud kapitaalgoederen

 

 

1 | Wegenbeheer

Wegenbeheerplan: jaarschijf 2017 
De aanbesteding van het uit te voeren onderhoud aan de wegen voor dit jaar op basis van het wegenbeheerplan heeft gedeeltelijk plaats gevonden.

1. Raming wegenbeheerplan   € 965.000
Aanneemsom asfalt € 517.000  
Aanneemsom elementen (raming) € 150.000 n.n.b.  
  € 665.000 (afgerond)
  € 300.000
Ad hoc klussen en onvoorzien binnen de deelopdrachten   € 150.000
Voordeel uitvoering wegenbeheerplan   € 150.000
 
2. In begroting 2017 geraamd (wegenbeheerplan was nog niet vastgesteld)   € 1.070.000
Raming wegenbeheerplan   € 965.000
Voordeel raming in begroting   € 105.000
 
3. Lagere onttrekkingen uit de reserve (wegenbeheer 1 en 2)   € 250.000

 

2 | Rioolbeheer/waterbeheer

Stand van zaken projecten
1. Rioolvervanging en afkoppelen Staphorst Noord-Oost fase 1 - in  voorbereiding. Uitvoering gepland: 2e helft 2017
2. Afkoppelen Oosterparallelweg, tot aan Akkerweg - in voorbereiding. Uitvoering gepland:  2e helft 2017
3. Voor 2017 wordt het Basis Rioleringsplan (BRP) Staphorst geactualiseerd. Betreft de technische doorrekening van het rioolstelsel

3 | Groenbeheer en beleid

Op het gebied van groenbeleid en groenbeheer lopen enkele projecten en worden in 2017 nieuwe projecten opgestart.

- De herinrichting van de skateparkjes Staphorst en Rouveen is in juni afgerond.
- De renovatie van het hoofdveld en veld 5 op het sportcomplex Het Noorderslag in Staphorst is in uitvoering en wordt in augustus voltooid.
- In juli wordt gestart met het opstellen van het nieuwe Groenbeleidsplan Staphorst.
- Op dit moment vindt een boomveiligheidscontrole plaats van alle gemeentelijke bomen. Afhankelijk van de resultaten worden een kap- en snoeiplan voor de korte termijn en voor de langere termijn opgesteld. Onderdeel hiervan zal ook zijn het kappen (en uiteindelijk herplanten) van essen, die zijn aangetast door de essentak-sterfte.
- Na de zomer worden de voorbereidingen getroffen voor de herinrichting van de Boslaan en de groenstroken in Staphorst-zuid. De uitvoering van deze werken zal plaatsvinden in de eerste helft van 2018. Deze projecten staan op de lijst van investeringen.
- Daarnaast worden ook de in 2017 vrijkomende groenstroken in nieuwe bestemmingen ingericht, zoals  op de industrieterreinen en in Rouveen West.
- Verder wordt nagedacht over de invulling van sociale arbeidsplaatsen in het gemeentelijk groen. Afhankelijk van de uitkomst worden de groenbeheerbestekken voor 2018 nog een jaar verlengd, dan wel aangepast en opnieuw op de markt gebracht.
- De renovatie van de begraafplaats Staphorst, fase 2, wordt voorlopig verschoven naar 2018.

4 | Gebouwenbeheer

Gebouwenbeheerplan
Het nieuwe gebouwenbeheerplan is afgerond, momenteel worden de laatste aanpassingen gedaan n.a.v. renovatie sporthal en nieuwbouw SC-Rouveen. In het totaalplan zullen de reserveringen ten aanzien van het MJOP toenemen met circa 95.000 euro t.o.v. de huidige reserveringen. 

Het dienstencentrum is buiten beschouwing gelaten in het totaalplan. Hier wordt onderhoud gepleegd op klachtenbasis.  In het totaalplan is met name het gemeentehuis één van de grootste reserveringsposten. Het gemeentehuis alleen zorgt voor een last al van circa € 100.000 op jaarbasis.

Projecten: voortgang
Accommodatie SC Rouveen  is opgeleverd en geopend.

Sporthal Staphorst gereed en gebruiksklaar. N.B. de sportvloer is in mei 2017 volledig gerenoveerd en in juli 2017 worden de scheidingswanden in de zaal vervangen.

Gemeentewerf: in afwachting van de doorontwikkeling van de buitendienst en toekomst Reestmond worden de plannen nog even aangehouden. Met name beide zaken zijn belangrijk voor een duurzame renovatie en aanpassing.

Gemeentehuis
In het kader van verduurzaming wordt voor het gemeentehuis gewerkt aan: Labeling volgens EPA-U. Dit is een wettelijke verplichting. Vanuit deze labeling heeft het gemeentehuis een F-label verkregen. Daarnaast loopt een onderzoek naar een verduurzamingsslag van het gemeentehuis. Het gaat dan om verduurzaming in de breedste zin; dus energie, m², middelen enz. In dit onderzoek naar de verduurzaming wordt tevens het dienstencentrum deels betrokken. Hiervoor is een voorbereidingskrediet in de Lijst van investeringen 2017 opgenomen. Uw raad heeft onlangs een informatiebijeenkomst hierover bijgewoond.

 

Paragraaf 3 | Financiering

Paragraaf 3 | Financiering

EMU Saldo
De investeringsuitgaven zijn geraamd op € 7,8 miljoen. Totaal is in de eerste 5 maanden van 2017 € 0,7 miljoen uitgegeven.
De grondverkopen lopen niet achter bij de raming.
Het geraamde tekort EMU saldo zal naar verwachting dan ook voordelig i.p.v. nadelig zijn, geen tekort maar een overschot.

Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte
Zowel de investeringen in 2016 als 2017 lopen achter bij de raming.
Het financieringsoverschot zal dan ook hoger uitkomen dan geraamd.

Opgenomen bedragen op lange termijn
We hebben 2 langlopende opgenomen geldleningen  met een schuld van  € 227.841 en € 1.224.143 tegen resp. 5,79% en 4,65%.
Gehele aflossing van deze leningen kost ons ruim € 10.000 boeterente bovenop de in de toekomst verschuldigde rente.
Gelet hierop is aflossing ineens nadelig.

 

Paragraaf 4 | Bedrijfsvoering

1 | Organisatie

Ambitieus Staphorst in een veranderende samenleving
De gemeente Staphorst is ambitieus. Op tenminste twintig fronten wordt gewerkt aan de toekomst van Staphorst en aan de verbetering van haar functioneren. Daarnaast onderhoudt zij haar diensten aan de inwoners en ondernemers wanneer deze een paspoort komt aanvragen, een omgevingsvergunning nodig heeft, een evenement wil organiseren, informatie zoekt van de gemeente. En de gemeente houdt toezicht, controleert en handhaaft waar nodig.

De inwoners, ondernemers en partners kijken anders naar de overheid dan twintig jaar geleden. Zij zijn erg gesteld op hun toegenomen vrijheid en van een overheid verlangen zij steun of willen – in andere gevallen – gefaciliteerd worden als zij iets willen ondernemen. De overheid ziet zichzelf ook anders dan twintig jaar geleden. Het ‘zorgen voor’ is veranderd in ‘zorgen dat’. Zij wil niet alles zelf doen en kan dat ook allang niet meer. Zij is anders te komen staan in die samenleving.

Het maatschappelijke beeld dat de overheid en haar gekozen vertegenwoordigers de enige zijn die het publieke belang kunnen dienen en dat doen met wetten, regelgeving, subsidies, vergunningen, toezicht en controle, ligt achter ons.

Het veranderende beeld gaat uit van een wereld met gedeelde verantwoordelijkheid tussen publieke en particuliere partijen voor het dienen van dat publieke belang. Daarbij gaan zij met elkaar in gesprek, zoeken de gedeelde waarden en brengen maatschappelijk aanvaardbare kaders en regels tot stand. Bij die gemeenschappelijke waarden horen vertrouwen, verantwoordelijk zijn voor meer dan het eigen belang, gezamenlijk zoeken naar de juiste wegen, activiteiten en middelen en - in lijn daarmee - consistent handelen van alle betrokken partijen. De stok achter de deur wordt niet vergeten. De overheid is uiteindelijk ook bevoegd gezag voor toezicht, controle en handhaving.

De verandering van dit wereldbeeld en deze waarden betreft een transitie die diep in het ‘zijn’ van publieke organisaties en de rol van particulieren doorwerkt. De rol en de reikwijdte van besluiten van het college en de gemeenteraad tot de rol van particulieren in de realisatie van hun plannen en ondernemingen. Deze overgang van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving is inderdaad ingrijpend.

Bij de decentralisatie in het sociale domein hebben we deze transitie aan den lijve kunnen ondervinden. En in het ruimtelijke domein met de invoering van de Omgevingswet is deze in volle gang. En deze transitie is onvermijdelijk en gaat door. Er wordt meer ruimte voor particuliere ideeën en realisatie toegestaan waarbij algemene regels gelden, in plaats van gedetailleerde voorschriften. Een omschreven doel staat voorop en niet het middel om er te komen. En de houding bij het beoordelen van initiatieven is ‘ja, mits’ in plaats van ‘nee, tenzij’.

Een andere belangwekkende ontwikkeling is de verdere digitalisering van de diensten en producten van de overheid. Gemeentelijke diensten en producten die nu nog deels analoog en fysiek worden aangemaakt en geleverd, gaan in de toekomst wellicht enkel nog via een digitale weg, met een landelijk digitaal adres en zonder personele bemoeienis van een gemeente.

Eisen aan de organisatie
Sinds 2013 heeft de organisatie al een flinke ontwikkeling doorgemaakt: in structuur, in personele samenstelling, in organisatiecultuur en in de gehanteerde werkprocessen. Ook recent zijn daar weer stappen in genomen.

Wij realiseren ons dat deze ontwikkeling zal doorgaan, en moet gaan. Immers het tijdsgewricht waarin de gemeente zich bevindt, vraagt daarom. Veel zaken van de gemeente doet zij allang niet meer alleen. Daarvoor werkt zij in een keten met partners en met cliënten, inwoners en ondernemers die goede diensten en een betrouwbare overheid of partner willen zien. De opgaven die wij in het sociale domein, in het ruimtelijk domein en als dienstverlener naar onze samenleving worden complexer. Wij willen die uitdaging ook graag aangaan, als zelfstandige gemeente.

Hierbij wordt er meer ingespeeld op wat de Staphorster samenleving zelf kan oppakken, worden verbindingen gelegd tussen partijen die elkaar kunnen versterken, belemmeringen weggenomen, wordt bemiddeld en uiteraard verknoopt met de doelstellingen die de gemeente heeft omschreven in haar missie en visie, coalitieakkoord en de programmabegroting. En deze opgaven zijn complex. Misschien minder belanghebbenden dan in een grotere gemeente, maar het maatschappelijke, politieke en bestuurlijke proces is evenzo ingewikkeld. Van de organisatie en haar medewerkers wordt grote stuurmanskunst gevraagd. We leren beter te verbinden, te luisteren, te communiceren en de gemeentelijke boodschap helder uit te dragen in woord en daad, op een integere wijze.

De veranderingen in onze organisatie zijn groot, zeker in vergelijking met andere gemeenten. De formatie is kleiner geworden. En die veranderingen beogen de kwaliteiten van een moderne ambtelijke organisatie te ontwikkelen of aan ons te binden. Dat kost tijd. Onderwijl gaan de opgaven door en wordt er met regelmaat expertise van buiten aangetrokken. Omdat het moet en het vraagstuk, het project of de opgave niet kan wachten. De benodigde expertise wordt selectief ingehuurd, veelal voor een kortere duur en om een specifieke opdracht uit te voeren.

En die ontwikkelingen gaan door met het oog op de maatschappelijke rol die de gemeente zal willen en moeten vervullen. Wat heeft de organisatie nodig, welke diensten blijven de kern en hoe worden deze aangeboden, zijn vragen die actueel zijn. En wat betekent dit voor de competenties en vaardigheden van het personeel en voor de omvang van de organisatie van de toekomst? Welk deel willen we aan ons gebonden houden en welk deel kan volstaan met een flexibele schil? Het vraagt om een toekomstbeeld van organisatie op termijn die uitgerust om een zelfstandige gemeente te blijven.

Kaderstellende rol van de raad
De raad heeft hierin een belangrijke kaderstellende rol. In de eerste plaats om het toekomstbeeld van de gemeentelijke organisatie te bepalen. In de tweede plaats om ons de middelen ter beschikking te geven voor de uitvoering van het coalitieprogramma en de programmabegroting. Maar ook om de organisatie voor te bereiden op die toekomst, om nu te kunnen investeren de noodzakelijke veranderingen in gang te zetten. Voor dat toekomstbeeld hebben we de bouwstenen al omschreven in verschillende documenten. Wij willen de raad nog dit najaar uitnodigen om met een integrale raadnota een inhoudelijk standpunt in te nemen over de maatschappelijke veranderingen (transitie) en de rol die de gemeentelijke organisatie in de toekomst moet hebben. Dit doen wij graag in een opiniërende bijeenkomst. Vervolgens willen wij de raad uitnodigen besluiten te nemen over de materiële kaders die zij verleent om de organisatie voor te bereiden op die toekomst. Hieronder vallen o.a. de loonsom, loonsom-sturing, flexibilisering van de inzet van de onderdelen van beleidsprogramma's in de begroting. 

De financiële consequenties hiervan zijn in de begroting 2018 verwerkt.

Wij achten het van belang de inhoudelijke reikwijdte en de procesgang in overleg met het presidium te bepalen.

Loonsomsturing beoogt taken beter en sneller toe te wijzen aan medewerkers die deze taak kunnen vervullen of daartoe worden opgeleid. Een presterende organisatie staat centraal. Loonsomsturing komt in de plaats van formatieve ruimte. Binnen de loonsom wordt mandaat verleent aan leidinggevenden en budgethouders om flexibel om te gaan met vaste en tijdelijke aanstellingen, met de inzet van intern personeel, trainees of externe deskundigen, met tijdelijke beloning ten gevolge van specifieke en/of tijdelijke deskundigheid, en goed in te kunnen spelen op arbeidsmarkt- en beloningsontwikkelingen.

Ontwikkeling (strategisch) personeelsbeleid
Het levensfasegericht personeelsbeleid met daaraan gekoppeld remotie-beleid zal eind 2017 zijn beslag krijgen.

 

2 | Vastgoed

Wet waardering onroerende (Wet WOZ)
Het college is verantwoordelijk voor de algemene uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) ook wel Basisregistratie waarde onroerende zaken genoemd. De Waarderingskamer houdt toezicht op de uitvoering hiervan en verricht periodiek onderzoek. Hiervan wordt een rapport van bevindingen opgesteld met een algemeen oordeel. De Waarderingskamer onderscheidt diverse oordeelcategorieën. Te weten de uitvoering:

  • moet dringend verbeterd worden;
  • moet op onderdelen verbeterd worden;
    • is voldoende;
    • verloopt goed;
    • verloopt goed (stabiel).

Het laatst genoemde oordeel is van toepassing bij de gemeente Staphorst. Hiervan is sprake wanneer een gemeente meer dan twee aaneengesloten jaren het algemeen oordeel 'goed' van de Waarderingskamer heeft gekregen en waarbij ook geen sprake is van (tijdelijk) zwakkere deelaspecten van de WOZ-uitvoering. De gemeente heeft voldoende maatregelen getroffen voor adequate aansturing en kwaliteitsbeheersing van de werkzaamheden.

 

Samenwerking WOZ Zwartewaterland
Sinds november 2013 vindt de uitvoering van de WOZ taken van de gemeente Zwartewaterland met en vanuit Staphorst plaats. De Waarderingskamer is van oordeel dat de uitvoering van de Wet WOZ momenteel goed is. Tussen de gemeente Zwartewaterland en Staphorst is overeengekomen deze samenwerking in ieder geval tot en met 2020 te continueren. Er is inmiddels een dienstverleningsovereenkomst overeengekomen waarin een nadere invulling/formalisering van de huidige samenwerking/ontzorging is geregeld.

Voormelding WOZ waarde
Eind 2016 hebben alle eigenaren van een 2^1 kap woning (circa 1.270) in de gemeente Staphorst een voormelding van de in 2017 vast te stellen WOZ-waarde ontvangen. Belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld een vragenformulier in te vullen met betrekking tot de objectkenmerken van de woning en een reactie te geven op de vast te stellen WOZ-waarde. 13% van de eigenaren heeft gereageerd. Aan de hand van die gegevens heeft de gemeente beoordeeld of de waarde juist was of nog aangepast moest worden. Circa de helft van de reacties heeft geresulteerd in een aanpassing van de waarde. Dit zowel naar boven als naar beneden. De definitieve waarde is bekend gemaakt op de beschikking welke eind januari is verstuurd.

Voor de herwaardering 2018 wordt deze methode weer toegepast voor een nog nader te bepalen categorie woningen. Bovenstaande draagt bij aan betere acceptie van burgers door inzicht in en invloed op de waardebepaling en kwaliteitsverbetering van de gegevens als gevolg van verkregen informatie van burgers. Deze werkwijze is ook toegepast bij Zwartewaterland. Hier zijn alle eigenaren van een rij- of hoekwoning aangeschreven.

Met de woningstichting heeft een afzonderlijk vooroverleg plaatsgevonden.

Taxeren op gebruiksoppervlakte
De Waarderingskamer heeft gemeenten laten weten dat na een overgangsperiode van vijf jaar vanaf 2022 alle WOZ-woningtaxaties gebaseerd moeten zijn op de gebruiksoppervlakte van de woning. Nu gebruiken gemeenten nog vaak de bruto inhoud van de woning om woningen met elkaar te vergelijken of een andere maatstaf om een woning op te meten. Vanaf 2022 moet iedere gemeente de woningen op dezelfde manier meten.

Naast de voordelen van landelijke uniformiteit en het aansluiten op de wijze waarop woningen veelal gemeten worden bij verkoop (Funda), kleeft er natuurlijk ook een nadeel aan deze uniformering. De overschakeling naar het registreren van een nauwkeurige en gecontroleerde gebruiksoppervlakte van alle woningen, vergt een investering.

De belangrijkste doelstellingen van de Wet WOZ zijn gelegen in het streven naar kwaliteit, uniformiteit, duidelijkheid en doelmatigheid. Vooral het aspect van uniformiteit heeft de Waarderingskamer gebracht tot het besluit om landelijk uniform de gebruiksoppervlakte te gebruiken voor de taxatie van woningen. Het feit dat gemeenten nu diverse meetvoorschriften gebruiken (naast bruto inhoud en gebruiksoppervlakte zijn er ook gemeenten die bijvoorbeeld bruto vloeroppervlakte (BVO) of juist netto vloeroppervlakte (NVO) gebruiken), past niet bij de beeldvorming over uniforme uitvoering van de Wet WOZ.

Naast het voordeel van uniformiteit heeft het gebruik van de gebruiksoppervlakte voor het meten van woningen voor de WOZ meer inhoudelijke voordelen. De belanghebbenden zullen de gemeten gebruiksoppervlakte herkennen, wanneer ze deze bijvoorbeeld vergelijken met informatie in de markt. Het meetvoorschrift dat bij Funda gehanteerd moet worden, is immers exact hetzelfde meetvoorschrift dat voor de WOZ-taxaties gebruikt wordt. Verder biedt het hanteren van de gebruiksoppervlakte gemeenten ook meer mogelijkheden om de activiteiten gericht op bijhouding en kwaliteitsverbetering voor de WOZ-administratie en de Basisregistraties adressen en gebouwen (BAG) meer op elkaar af te stemmen, danwel verder te integreren.

De gemeente Staphorst heeft de ambitie dit jaar te starten met het inventariseren en registeren van de juiste gebruiksoppervlakte en niet tot 2022 te wachten met het taxeren op basis van de gebruiksoppervlakte.

Aanslagen gemeentelijke belastingen op MijnOverheid
MijnOverheid biedt burgers toegang tot berichten, persoonlijke gegevens en lopende zaken. Het is overzichtelijk, veilig en altijd beschikbaar. Nederland digitaliseert in hoog tempo.

Ook de gemeente Staphorst heeft het mogelijk gemaakt de aanslagen gemeentelijke belastingen/WOZ-beschikkingen digitaal te versturen naar de Berichtenbox van MijnOverheid. Eind januari dit jaar zijn de aanslagen gemeentelijke belastingen/WOZ-beschikkingen verzonden. Burgers die zich op de website van MijnOverheid hadden aangemeld hebben hun aanslagbiljet digitaal in hun Berichtenbox ontvangen. Van de burgers in de gemeente Staphorst heeft 18% hiervan gebruik gemaakt. Daarnaast zijn de aanslagen dit jaar ook nog op papier verstuurd. Burgers die zich op MijnOverheid hebben aangemeld ontvangen vanaf 2018 de aanslag alleen nog digitaal.  Via Persoonlijke Gegevens op MijnOverheid is het ook mogelijk taxatieverslagen op te vragen.

In de loop van dit jaar wordt het tevens mogelijk gemaakt inlichtingenformulieren in het kader van de Wet WOZ en gemeentelijke belastingen en documenten met betrekking tot het invorderingstraject via MijnOverheid aan te bieden. Hierbij moet gedacht worden aan huurinlichtingenformulieren, vragenformulieren n.a.v. de aankoop van een woning, storno’s (terugdraaien van automatische incasso), herinneringen, aanmaningen etcetera. Meer informatie over MijnOverheid is te vinden op www.mijnoverheid.nl.

Wet basisregistraties adressen en gebouwen
Op 1 juli 2009 is de Wet basisregistraties adressen en gebouwen (Wet BAG) in werking getreden. Deze wet regelt het instellen van een basisregistratie adressen en een basisregistratie gebouwen. De BAG maken deel uit van het stelsel van basisregistraties dat bedoeld is om de informatiehuishouding van de overheid te verbeteren ter verhoging van de kwaliteit van de besluitvorming, de verbetering van de dienstverlening en de vermindering van de bestuurlijke en administratieve lasten. Alle overheden zijn sinds 1 juli 2011 verplicht de BAG te gebruiken. De gemeente is als bronhouder verantwoordelijk voor de uitvoering van de BAG. De gegevens worden door middel van een beveiligde bevinding geleverd aan de Landelijke Voorziening (LV Kadaster) en vandaar uit afgenomen door diverse afnemers die er op moeten kunnen vertrouwen dat de gegevens correct zijn. Bestuursorganen zijn verplicht om de in de adressenregistratie en gebouwenregistratie opgenomen authentieke gegevens bij het vervullen van hun publiekrechtelijke taak te gebruiken en bij het constateren van mogelijke onjuistheden in deze authentieke gegevens een terugmelding te doen naar de houder van de basisregistratie zodat deze onderzoek kan doen naar de vermeende onjuistheden. Binnen de gemeente Staphorst wordt de BAG beheerd door het team Service alwaar tevens de Basisregistratie WOZ is belegd. Dit bevordert de onderlinge afstemming.

Audits
Het Ministerie van IenM ziet toe op de kwaliteit van de uitvoering. Bronhouders waren verplicht eens in de drie jaar een audit te laten plaatsvinden. Sinds medio 2015 wordt niet meer toegezien op de nakoming van een dergelijke audit. Gebleken is dat de huidige BAG-inspecties hun doel voorbij schieten. Ze zijn niet gericht op kwaliteit, risicobeheersing en effecten in de praktijk; zaken die voor de afnemers van groot belang zijn. Dit is tevens door de Auditdienst Rijk geconstateerd. Er wordt iets nieuws ontwikkeld. Het Ministerie van IenM heeft aangegeven dat in 2018 de structurele inrichting van de landelijke KTH (kwaliteit, toezicht en handhaving) duidelijk zal worden. In deze inrichting zal naar verwachting het instrument zelfcontrole- en evaluatie door de bronhouder (met periodieke rapportages naar de toezichthouder) centraal staan. Waar mogelijk zal dit instrument gestroomlijnd worden met de ontwikkeling van de KTH voor de basisregistratie grootschalige topografie (BGT) en zal er bovendien gebruik worden gemaakt van de ervaringen van andere basisregistraties, zoals BRP en WOZ, het fenomeen zelfevaluatie en met de inrichting van de escalatieladder.

Huidige kwaliteit uitvoering BAG gemeente Staphorst
Omdat een betrouwbare en uniforme registratie in het belang is van alle afnemers van de BAG monitort het Kadaster in opdracht van het Ministerie van IenM de kwaliteit van de BAG. Fouten en opvallendheden worden inzichtelijk gemaakt. Hierover wordt periodiek naar bronhouders gerapporteerd. Om interactiever gebruik van de kwaliteitscontroles mogelijk te maken heeft het Kadaster tevens een kwaliteitsdashboard ontwikkeld. Deze is primair bedoeld voor de bronhouders en draagt bij aan het signaleren van onvolkomenheden zodat deze hersteld kunnen worden.

Bovendien worden de in het kwaliteitsdashboard uitgevoerde analyses over de kwaliteit van de BAG gegevens van de gemeente afgezet tegen de landelijke gemiddelden. Uit deze informatie blijkt dat de gemeente Staphorst de BAG op orde heeft. Naast bovengenoemde hulpmiddelen heeft de gemeente Staphorst zelf ook een aantal steekproeven op de BAG administratie genomen. Dezelfde systematiek als bij de voormalige audits is gehanteerd. Ook hieruit blijkt dat de uitvoering van de BAG goed verloopt. Getoetst is op de gegevens, de processen en de techniek.

 

3 | Inkopen en aanbesteden

De gemeenten Staphorst, Steenwijkerland en Zwartewaterland zijn per 1 januari 2017 een samenwerking gestart op het gebied van inkopen en aanbesteden. Dit betekent dat er per deze datum voor de 3 gemeenten 2 fulltime inkoopadviseurs beschikbaar zijn.

Naast ondersteuning bij(gezamenlijke) aanbestedingstrajecten houden de beide inkoopadviseurs zich bezig met:

  • het actualiseren en harmoniseren van het gemeentelijke inkoop- en aanbestedingsbeleid;
  • het opstellen van standaard inkoopdocumenten;
  • het actualiseren en harmoniseren van gemeentelijke inkoopvoorwaarden;
  • het opstellen van een uniforme klachtenregeling.

 

4 | Informatievoorziening en automatisering

De Generieke Digitale Infrastructuur (GDI) bestaat uit herbruikbare digitale basisvoorzieningen, standaarden en producten. De GDI heeft als ambitie dat burgers (en bedrijven) in 2017 al hun zaken met de overheid digitaal kunnen afhandelen op een veilige, betrouwbare en eenvoudige manier.

In dit kader en als uitvoering van Digitale Agenda 2020 is in mei een aanbesteding afgerond om de bestaande archiefcollecties te digitaliseren, zodat het mogelijk wordt digitaal inzage te krijgen in de bouw- en milieudossiers

Begin 2017 zijn, voor zover mogelijk, de belastingaanslagen verstuurd via MijnOverheid.

 

 

5 | Informatieveiligheid

Bewustwording
Op 6 april is in een organisatiebrede informatiebijeenkomst een presentatie gehouden over informatieveiligheid om de bewustwording onder de medewerkers te stimuleren. Inzet is dat wij zorgvuldiger omgaan met privacygevoelige en bedrijfskritische informatie. Ook zal door deze bewustwording de herkenning van een beveiligingsincident vergroot worden.

De presentatie was meteen de kick-off voor een e-learningtraject bewustwording informatieveiligheid voor alle medewerkers.

Verantwoording Informatieveiligheid
Naar aanleiding van de resolutie van de VNG in 2013 wordt verantwoording van informatieveiligheid afgelegd in paragraaf 4 van de bedrijfsvoering bij de jaarrekening. De stand van zaken wordt daarnaast getoetst bij de diverse audits, zoals de DigiD-audit, de IT-audit, de zelfevaluatie BRP en SUWI.

De audits worden voor wat betreft de generieke maatregelen (ook op het gebied van informatieveiligheid) in 2017 vervangen door de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA). De specifieke maatregelen voor de betreffende taakonderdelen worden nog wel afzonderlijk geaudit.

De nieuwe verantwoordingsprocedure start met een zelfevaluatie met behulp van de ENSIA-tool. Het college van B&W legt vervolgens verantwoording over informatieveiligheid af aan de gemeenteraad in het jaarverslag. Het verantwoordingsproces sluit hierdoor aan op de planning- en controlcyclus en verschaft de gemeenteraad meer inzicht over de informatieveiligheid van de gemeente.

6 | Financiën

Vennootschapsbelasting  VPB: fiscale openingsbalans
Vanaf 1 januari 2016 is de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen toepassing.

De invoering van de Vennootschapsbelasting (VPB) vraagt momenteel veel aandacht;  met name het samenstellen van de fiscale openingsbalans. De fiscale openingsbalans wordt onder andere gebruikt voor het bepalen van de fiscale winst.

De fiscale openingsbalans moet worden opgesteld bij het aanvangen van de vennootschapsbelastingplicht. De gemeente Staphorst moet dit ook doen omdat er sprake is van een fiscaal winstoogmerk en derhalve naar het fiscaal drijven van een onderneming zoals de grondexploitaties. De fiscale openingsbalans dient meerdere doelen:
1.  Allereerst brengt de fiscale openingsbalans een scheiding aan tussen de onbelaste en belaste periode van een overheidsonderneming. Zo wordt de fiscale winst op een juiste wijze verdeeld over deze perioden;
2.  Daarnaast dient de openingsbalans als basis (startpunt) voor de berekening van de fiscale winst waarover (jaarlijks) belasting moet worden betaald.

Momenteel is er onduidelijkheid (landelijk) omtrent het bepalen van de contante waarden; met name de hoogte van het te hanteren rentepercentage.

Management Informatie Systeem (MIS) Pepperflow
Afgelopen periode zijn voor het eerst de begroting 2017 en de jaarrekening 2016 opgesteld in Pepperflow. Beide documenten zijn via de begrotingsapp aan de burgers beschikbaar gesteld. De zomernota wordt nu voor de tweede keer aangeboden in Pepperflow.

Pepperflow is een bedrijf die zich snel ontwikkelt. Hierdoor gaat het proces van opstellen van P&C-documenten in Pepperflow steeds beter. De voortgangsinformatie die medewerkers aanleveren met betrekking tot een beleidsactiviteit of een investering, kan bijvoorbeeld meteen gekoppeld worden in Pepperflow aan het P&C-document. Een belangrijke/onmisbare ontwikkeling is ook dat Excel nu gekoppeld is met Pepperflow, waardoor cijfermatige stukken ook binnengehaald worden in het systeem.

Gedurende het jaar 2017 wordt verder gewerkt aan de kwaliteit van Pepperflow. De ontwikkelingen worden bijgehouden en er wordt deelgenomen aan kerngroep- bijeenkomsten met Pepperflow.

Paragraaf 5 | Verbonden partijen

Paragraaf 5 | Verbonden partijen

GGD IJsselland
In verband met ontschotting JGZ groeit Staphorst vanaf 2017 in 5 jaar toe naar het structurele bijdrage-niveau: cumulatief € 13.000 per jaar (totaal € 65.000).

Veiligheidsregio IJsselland
Staphorst wordt  3 jaar lang gecompenseerd naar aanleiding van toepassing aangepaste verdeelsleutel. Voor 2018 is dat: € 2.658.

Reestmond
Gem. De Wolden zal per 1 januari 2018 uittreden. De verwachting is dat de financiële gevolgen van de keuzes die gemaakt worden in het kader van zowel "ontwikkelagenda Reestmond"  als uittreding van de gemeente De Wolden in het 2e kwartaal van 2017 bekend zijn, waarna een geactualiseerde begroting zal worden voorgelegd.

Omgevingsdienst IJsselland
Per 1 januari 2018 zal, als opvolger van de huidige RUD netwerksamenwerking, een nieuwe gemeenschappelijke regeling: Omgevingsdienst IJsselland van start gaan.

Vitens
Door daling WACC (regeling waardoor Vitens minder winst mag maken) en hogere financieringskosten is de verwachting van de dividenduitkering per aandeel als volgt:

2016      -       €   3,36  per aandeel     x  18.531   =    €  62.265        
2017      -       €   2,24 per aandeel      x  18.531  =    €  41.510
2018      -       €    0,69 per aandeel    x  18.531   =    €  12.790

Aandeelhouders moeten te zijner tijd nog besluiten.

Enexis
Enexis is bezig met herijking van hun strategie. Aandeelhouders zullen dit jaar deze vast stellen.

 

Paragraaf 6 | Grondbeleid

Paragraaf 6 | Grondbeleid

De verkopen lopen boven verwachting, met name de woningbouw in Rouveen-West 4.

Woningbouw Rouveen-West 4:
De geraamde opbrengsten (ruim € 0,6miljoen) van Rouveen-West 4 voor 2017 zijn reeds gerealiseerd. Doordat alle gronden zijn verkocht, maar nog niet alle akten zijn gepasseerd, zullen de totale opbrengsten verkopen uitkomen op € 1,35 miljoen.

Industrieterrein De Esch 3:
In 2017 zijn tot nu toe nog geen gronden verkocht, geraamd is een opbrengst van ruim € 0,38 miljoen. Binnenkort volgt de overdracht van een reeds verkochte kavel voor een bedrag van € 0,43 miljoen.

Industrieterrein Bullingerslag:
Van de geraamde € 2 miljoen is in 2017 tot nu toe voor 10.439 m2 (3 kavels, waarvan 2 met woning) industriegrond ruim € 1,2 miljoen ontvangen. Naar verwachting worden er in de loop van dit jaar nog 6 kavels overgedragen, waarvan 4 met woning, voor afgerond € 1,9 miljoen.

Vennootschapsbelasting en het gemeentelijk grondbedrijf:
Vanaf 1 januari 2016 vindt de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen voor het eerst van toepassing. Door deze wet krijgen overheden te maken met het feit dat ze voor een deel van de activiteiten onder de vennootschapsbelasting vallen. EFK belastingadviseurs heeft  voor onze  gemeente een rapportage gemaakt, waaruit blijkt dat we voor de grondexploitatie belastingplichtig zijn. Dit is in samenwerking met enkele omliggende gemeenten gedaan. Wel valt de gemeente Staphorst buiten de bandbreedte doordat we procentueel voor meer dan 80% met eigen vermogen financieren. Voor ons is dit 94%. De waarde van de voorraad gronden in exploitatie moeten contant gemaakt worden tegen een bepaald rentepercentage. Voor gemeenten die buiten de bandbreedte vallen is er nog geen overeenstemming tussen de VNG en de belastingdienst over de hoogte van het toe te passen rentepercentage. Billijk zou zijn het rentepercentage per 1 januari 2016 te hanteren waarvoor de gemeente toen geld kon lenen, te verhogen met een risico-opslag in verband met bedrijfsrisico's die samenhangen met de exploitatie van de grond.

Paragraaf 7 | Lokale heffingen

Paragraaf 7 | Lokale heffingen

Openbaarheid WOZ-waarden
Sinds 1 oktober 2016 zijn WOZ-waarden van woningen openbaar. De gemeenten Staphorst is medio 2016 succesvol aangesloten op de Landelijke Voorziening (LV WOZ). Dit heeft tot gevolg dat de WOZ-waarden voor iedereen zichtbaar zijn via www.woz-waardeloket.nl. Deze openbaarheid vormt één van de stappen in het streven naar transparantie rondom de WOZ-waarde en naar zoveel mogelijk informele interactie met belanghebbenden.

Het openbaar stellen van WOZ-waarden van woningen maakt onderdeel uit van de Digitale Agenda 2020 (KING gemeenten). Hierin zijn de gezamenlijke ambities van gemeenten vastgelegd om aan te sluiten bij en effectief opereren in de informatiesamenleving. Daarbij staan drie sporen centraal:

  • Open en transparant in de participatiesamenleving.
  • Werken als één efficiënte overheid.
  • Massaal digitaal, maatwerk lokaal.

De Waarderingskamer houdt toezicht op de uitvoering van de Wet WOZ. Ze heeft onlangs gepubliceerd (WOZ Journaal) dat inmiddels van circa 75% van de woningen in Nederland de WOZ-waarden zichtbaar zijn in het WOZ-waardeloket. Wanneer in de komende maanden ook de resterende 125 gemeenten aansluiten op de Landelijke Voorziening WOZ (LV WOZ), groeit het aantal woningen in het WOZ-waardeloket naar 100%.

Gemeenten die nog niet zijn aangesloten op de LV WOZ maken de WOZ-waarden via een alternatieve voorziening openbaar. Op deze manier hebben belanghebbenden altijd de mogelijkheid om bijvoorbeeld de eigen WOZ-waarde te vergelijken met WOZ-waarden van vergelijkbare woningen.

Het WOZ-waardeloket blijkt duidelijk in een behoefte te voorzien. In de eerste drie maanden van de openstelling (laatste kwartaal 2016) hebben bijvoorbeeld al ongeveer 500.000 mensen het loket bezocht en het eerste kwartaal van 2017 lag dit aantal nog iets hoger door het bekend worden van de nieuwe WOZ-waarden. De piek van bezoekers lag in februari met ruim 25.000 unieke bezoekers op een dag. Gemiddeld telt het WOZ-waardeloket ongeveer 2.500 tot 5.000 bezoekers per dag. Naast belanghebbenden die hun WOZ-waarden vergelijken met andere woningen zijn er ook mensen die geïnteresseerd zijn in bijvoorbeeld een bepaalde buurt of een woning in verband met aankoopplannen. Het WOZ-waardeloket kent ook een groot aantal professionele gebruikers, zoals makelaars die zich voorbereiden op de verkoop van de desbetreffende woning of waterschappen die het WOZ-waardeloket gebruiken om te controleren of de ontvangen gegevens actueel zijn.

WOZ-gebruik in MijnOverheid

 De wetgever verwacht dat transparantie met betrekking tot de WOZ-waarde bijdraagt aan de acceptatie van dit gegeven door burgers en aan een verbetering van de kwaliteit van de waarde. Immers door de openbaarheid kan de belanghebbende veel beter de WOZ-waarde van de eigen woning vergelijken met die van woningen in de omgeving. Daarmee krijgt hij/zij beter inzicht in de wijze waarop verschillen tussen de woningen ook door de gemeente zijn vertaald in verschillen in de WOZ-waarde. Het onderling vergelijken van woningen is een belangrijk uitgangspunt voor de taxatie van woningen.

Het onderling vergelijken van de WOZ-waarde, zowel door de gemeente als door belanghebbenden, kan ook aan het licht brengen dat deze in sommige situaties mogelijk niet goed is. Wanneer die signalen beschikbaar komen, kan de gemeente die gebruiken om de gegevens die gebruikt zijn bij de taxatie te actualiseren of te verbeteren of het gebruikte taxatiemodel meer te verfijnen en beter aan te sluiten op de markt.

Taxeren op gebruiksoppervlakte
De Waarderingskamer heeft gemeenten laten weten dat na een overgangsperiode van vijf jaar vanaf 2022 alle WOZ-woningtaxaties gebaseerd moeten zijn op de gebruiksoppervlakte van de woning. Nu gebruiken gemeenten nog vaak de bruto inhoud van de woning om woningen met elkaar te vergelijken. Zo ook in Staphorst. Vanaf 2022 moet iedere gemeente de woningen op dezelfde manier meten.

Naast de voordelen van landelijke uniformiteit en het aansluiten op de wijze waarop woningen veelal gemeten worden bij verkoop (Funda), kleeft er natuurlijk ook een nadeel aan deze uniformering. De overschakeling naar het registreren van een nauwkeurige en gecontroleerde gebruiksoppervlakte van alle woningen, vergt een investering.

De belangrijkste doelstellingen van de Wet WOZ zijn gelegen in het streven naar kwaliteit, uniformiteit, duidelijkheid en doelmatigheid. Vooral het aspect van uniformiteit heeft de Waarderingskamer gebracht tot het besluit om landelijk uniform de gebruiksoppervlakte te gebruiken voor de taxatie van woningen. Het feit dat gemeenten nu diverse meetvoorschriften gebruiken (naast bruto inhoud en gebruiksoppervlakte zijn er ook gemeenten die bijvoorbeeld bruto vloeroppervlakte (BVO) of juist netto vloeroppervlakte (NVO) gebruiken), past niet bij de beeldvorming over uniforme uitvoering van de Wet WOZ.

Naast het voordeel van uniformiteit heeft het gebruik van de gebruiksoppervlakte voor het meten van woningen voor de WOZ meer inhoudelijke voordelen. De belanghebbenden zullen de gemeten gebruiksoppervlakte herkennen, wanneer ze deze bijvoorbeeld vergelijken met informatie in de markt.

Het meetvoorschrift dat bij Funda gehanteerd moet worden is immers exact hetzelfde meetvoorschrift dat voor de WOZ-taxaties gebruikt wordt. Verder biedt het hanteren van de gebruiksoppervlakte gemeenten ook meer mogelijkheden om de activiteiten gericht op bijhouding en kwaliteitsverbetering voor de WOZ-administratie en de Basisregistraties adressen en gebouwen (BAG) meer op elkaar af te stemmen, danwel verder te integreren. Daarbij draagt dit bij aan het éénmalig registreren, meervoudig gebruik. Het basisprincipe van een basisregistratie.

Aanslagen gemeentelijke belastingen op MijnOverheid
MijnOverheid biedt burgers toegang tot berichten, persoonlijke gegevens en lopende zaken. Het is overzichtelijk, veilig en altijd beschikbaar. Nederland digitaliseert in hoog tempo.

Ook de gemeente Staphorst heeft het mogelijk gemaakt de aanslagen gemeentelijke belastingen/WOZ-beschikkingen digitaal te versturen naar de Berichtenbox van MijnOverheid. Eind januari dit jaar zijn de aanslagen gemeentelijke belastingen/WOZ-beschikkingen verzonden. Burgers die zich op de website van MijnOverheid hadden aangemeld hebben hun aanslagbiljet digitaal in hun Berichtenbox ontvangen. Van de burgers in de gemeente Staphorst heeft 18% hiervan gebruik gemaakt. Daarnaast zijn de aanslagen dit jaar ook nog op papier verstuurd. Burgers die zich op MijnOverheid hebben aangemeld ontvangen vanaf 2018 de aanslag alleen nog digitaal.  Via Persoonlijke Gegevens op MijnOverheid is het ook mogelijk taxatieverslagen op te vragen.

In de loop van dit jaar wordt het tevens mogelijk gemaakt inlichtingenformulieren in het kader van de Wet WOZ en gemeentelijke belastingen en documenten met betrekking tot het invorderingstraject via MijnOverheid aan te bieden. Hierbij moet gedacht worden aan huurinlichtingenformulieren, vragenformulieren n.a.v. de aankoop van een woning, storno’s (terugdraaien van automatische incasso), herinneringen, aanmaningen etcetera. Meer informatie over MijnOverheid is te vinden op www.mijnoverheid.nl. Vanuit communicatie van de gemeente Staphorst zal bovengenoemde mogelijkheid onder de aandacht worden gebracht.

Nota Lokale Heffingen
Gemeentelijke belastingen en heffingen vormen een belangrijke bron van inkomsten voor een gemeente. In de gemeente Staphorst is dit 23%.  In de Financiële verordening van de gemeente Staphorst is geregeld dat het college de gemeenteraad eenmaal per 4 jaar informeert over de stand van zaken en ontwikkelingen op dit gebied. De Nota Lokale Heffingen 2017 voorziet hier in. Deze is/wordt in juli 2017 aangeboden.

In de nota lokale heffingen is aangegeven op welke wijze binnen de gemeente Staphorst vorm gegeven is aan de mogelijkheden tot het heffen van belastingen zoals die in de Gemeentewet zijn opgenomen. Daarbij wordt aangegeven welke belastingen en retributies op dit moment geheven worden en welke andere belastingen en heffingen eventueel nog denkbaar zijn. Verder wordt aandacht besteed aan beleidslijnen en relevante ontwikkelingen die de praktijk van heffen in Staphorst (kunnen) beïnvloeden.

Samengevat bevat de Nota Lokale Heffingen 2017:

  1. de samenstelling van de gemeentelijke belastingen en heffingen;
  2. de kostendekkendheid van de heffingen
  3. een overzicht van de lokale lastendruk;
  4. het kwijtscheldingsbeleid;
  5. het tarievenbeleid;
  6. de verordeningen met de bijbehorende vaststellingsdata waarin de heffing en tarieven zijn vastgesteld.

 

 

Paragraaf 8 | Sociaal domein

Paragraaf 8 | Sociaal domein

Beleidsmatig
Het begin van 2017 heeft in het teken gestaan van de evaluatie van het sociaal domein, evenals de doorontwikkeling daarvan. De evaluatie is inmiddels gereed en wordt dan ook voor de zomer (’17) met de gemeenteraad gedeeld.De nieuwe taken in het sociaal domein zijn goed geland in Staphorst, ondanks de financiële korting die ermee gepaard ging. In 2015 en 2016 stond vooral de continuïteit en kwaliteit van de ondersteuning van de burger voorop. Het aanbod is kwalitatief goed en toereikend gebleken. De transitie is succesvol afgerond, de inzet op de transformatie is volop gaande.

Het zorglandschap is de afgelopen jaren sterk veranderd. Dat vraagt dan ook een nieuwe oriëntatie op welke wijze de gemeente om wil gaan met de organisaties in het maatschappelijk middenveld ofwel de eerstelijn. Het versterken van de eerstelijn is een belangrijke voorwaarde om de verandering van ‘zwaar naar licht’ te kunnen waarmaken. Ook het resultaatgericht inkopen en het samenvoegen van het CJG en het CWO draagt bij aan die transformatie. De komende periode en het volgende jaar zal in het teken staan van verbinding tussen de verschillende domeinen, verandering in de manier van denken en het werken aan slimme oplossingen.

Budgetten
Met het uitbrengen van de meicirculaire zijn ook de budgetten bekend gemaakt voor het sociaal domein. Dit leidt tot het volgende overzicht:

 Soort  Werkelijk 2015  Werkelijk 2016  Begroot 2017  Begroot 2018  Begroot 2019 Begroot 2020 Begroot 2021
  WMO  2.353  2.147  1.865  1.651  1.390 1.363 1.361
Jeugd  2.542 2.463  2.539  2.742 2.743 2.765 2.780
 Participatie  1.453  1.315  1.264  1.322 1.277 1.228 1.237
Totaal  6.348  5.926  5.668  5.715  5.410  5.356  5.378

De invoering van objectief verdeelmodel leidt bij de WMO tot een daling van  inkomsten van € 2,3 milj in 2015 tot € 1,3 milj in 2021, een achteruitgang van € 1 milj. Voor Jeugd is er geen sprake van een achteruitgang, door indexatie zien we zelfs een toename van het budget. In de begroting 2018 en meerjarenraming 2019-2021 zal niet meer éénduidig zichtbaar zijn welke uitgaven er voor welke decentralisatie worden gedaan. Dit vloeit voort uit bovengenoemde verbindingen tussen de verschillende domeinen. 

De verwachting is dat in 2019 of 2020 er een evaluatie zal plaatsvinden van het objectieve verdeelmodel. De uitkomsten daarvan zullen meegenomen worden in de toekomstige begrotingen, vanaf dat moment zal er waarschijnlijk ook geen sprake meer zijn van aparte decentralisatieuitkeringen voor het sociaal domein, maar zijn de ontvangsten hiervan opgenomen in de algemene uitkering. Dit sluit aan bij bovengenoemde transformatie van het sociaal domein.